OPENINGSPAGINA    |    DE VERENIGING    |    BANGLADESH   |    ADOPTIE    |    ALGEMEEN

 

BENGALESE KEUKEN

Er wordt door veel culinaire deskundigen gezegd dat Bangladeshies grootste bijdrage aan het voedsel erfgoed van zuid oos Azie het magistrale spectrum is van zoetigheid van gekookte mel en custard. Rasogullas(roomkaas-balletjes), kalo jam, "cham cham", "malai chap", "chema murki", "anarkali", "rajbhog" - de lijst van het water in de mond lopende delicatesses is eindeloos.

"Mishiti dhoi (gestremde melk met een caramel-smaak) " of yoghurt gezoet met jaggery is een must in ieder Bengalees huis. Gasten worden vaak verwelkomd met "sandesh (fresh cheese dessert) " of snoepjes gemaakt van gekookte melk en "singadas" (kleine samosa's) of knapperende samosa's.

Naast zoetigheid, de Bengalezen eten vis met groot genoegen en de meeste van de populaire Bengalese gerechen zijn gemaakt van vis. Een varieteit aan stijlen is geadopteerd om vis te koken. Soms zijn ze gemarineerd in kruiden en soms gekookt in curd.

De keuken van West Bengalen verschilt van Bangladesh in het opzicht dat er minder kokos en meer mosterd olie i.p.v. kokosolie. De kruiden verschillen ten opzichte van die in het midden van het land van India, maar zijn bergelijkbaar met die worden gebruikt in de keukens van de zuid oost kust.

De specialiteit van Bengaleeskoken is het gebruik van panchphoron oftewel de vijf basiskruiden welke komijn-, venkel-, mosterd-, fenegriek- en zwarte uienzaad bevat. Over het algemeen is Bengalees eten een mix van zoete en kruidige smaken en dineren met deze mensen is een ware traktatie.


TRADITIONEEL BENGALEES ETEN

De Bengalesen behoren tot de grootste voedsel liefhebbers ter wereld. Een leisurely maaltijd bestaande uit veel items, welke lange tijden van arbeid en ingeneusiteit in keuken kennen, wat even belangrijk is als het tonggevoel.

De variteit aan gestampte groenten of verschillende rijst of varieteiten aan vis die we eten worden allemaal gewaardeerd door de vingers, voordat ze in de mond gaan. Iedere individu heeft zijn eigen stijl in het omgaan met eten. Sommige pakken hun rijst en en bewegen hun vingers zo gracieus dat zij amper hun eten aanraken. Anderen likken hun handpalmen zelfs tot aan hun pols. "Tot aan je pols in het eten zitten" is een Bengalees gezegde, waarmee een ongekend genieten mee wordt aangeduid.

Een andere eigenaardige kenmerk van de Bangalese eetgewoonten is het schaamteloos van overblijfselen. Visbotjes, vissenkoppen, kippenbotjes worden uitgebreid gekouwd totdat er geen drup sap meer in overgebleven is. Naast ieder bord zijn dat ook stukje ondefineerbare maaltijd te vinden. Dit maakt allemaal deel uit van de Bengalese cultuur.

De traditionele manier van serveren is het eten op de vloer serveren, waar individuele stukken tapijt , asans genaamd zijn verspreid, zodat iedereen kan zitten. Daarvoor is een grote schaal gemaakt van metaal/ijzer of een groot bananenblad geplaatst.

Rond deze schaal zijn kleine metalen of aardenwerken bakjes geplaatst met hierin porties dal, groenten, vis, vlees chutney en dessert. In het midden van de schaal ligt een hoop stomend hete rijst geflankeerd door groeten, partjes limoen, hele groene chilies en misschien een beetje pickle. Tenslotte in het midden van de hoop is een kuiltje gemaakt om een eetlepel Ghee in te gieten om de rijst op smaak te brengen. (noot van de redactie: ons kuiltje met jus, hahahaha)Het benaderen van het eten dient tactvol te gebeuren.

Bengalesen eten alles met hun vingers. Wat is er uiteindelijk, beter om de tere botjes uit een vis zoals de hilsa en de koi te halen. Buiten het functionele aspect, zorgen de vingers voor een bewustwording van de structuur van het eten

vertaling van weekend bijlage bij de independent 11 februarie 2005 uit Bangladesh. Titel: Winter delicacies, ondertitel: Bangla Food Festival.